< >

 

Moderne rozen

Hybriden, Floribundas en Grandifloras zijn de meest voorkomende rozen.

Hybriden
Hybriden zien we meestal in de bloemenwinkel of bij de florist. De grote bloemen kunnen tot 15 centimeter groot worden en zijn gedurende het hele seizoen verkrijgbaar. Er staat maar 1 bloem per stengel. Deze stengel is stevig en lang genoeg om af te snijden. Ze hebben een redelijke levensduur in een vaas.

De bloem gaat open op een wel zeer elegante manier. Het centrum blijft gesloten terwijl de omliggende bloemblaadjes spiraalsgewijs opengaan. Artistiek gezien is deze roos het mooiste als ze voor 50% tot 65% geopend is. Het centrum is dan nog stevig dicht en de omliggende bloemblaadjes staan mooi open. De bloem ziet er dan heel vers en vol leven uit. Ze zijn verkrijgbaar in een grote verscheidenheid van kleuren. Wit, roze, geel, oranje, mauve en nog vele andere.

Sommige zijn bicolor. Dit wil zeggen dat beide zijden van de bloemblaadjes een andere kleur hebben. Sommige hebben strepen en weer andere hebben stippen. Er zijn vele verschillende soorten. Hybriden kenden een opmars in de jaren 1860.

Floribundas
Floribundas zijn bossige struiken met kleinere bloemen die meestal in groepjes staan. De bloemen hebben soms dezelfde vorm als de Hybriden of de Oude rozen. Sommige variëteiten van Floribundas hebben 1 bloem per stengel maar meestal hebben ze groepjes van bloemen. Daarom zijn ze vooral geschikt om in de tuin te planten. De verscheidenheid aan kleuren is groter dan bij de Hybriden. Het kweken van Floribundas begon in de jaren 1920 door het kruisen van Hybriden met Polyanthas. Deze laatste hebben kleinere bloemen die in groepjes bij mekaar staan.

Grandifloras
Grandifloras zijn dan weer het resultaat van een kruising tussen Hybriden en Floribundas. De bedoeling was om een struik te hebben die zowel grote bloemen op lange stengels als groepen van bloemen op lange stengels zou voortbrengen die geschikt zouden zijn als snijbloemen. Grandifloras hebben van hun “ouders” inderdaad de beste eigenschappen meegekregen.

Hoe is dit alles tot stand gekomen?
De pogingen om rozen te cultiveren bereikte haar hoogtepunt in de jaren 1840. Het was dankzij de Victoriaanse rozenkwekers dat de Hybriden ontstaan zijn. Ze waren onmisbaar voor een Victoriaanse tuin. Deze kruisingen combineren de balans, de elegantie en de herhalende bloei van de chinese varieteiten met de sterkte en de uitbundige bloei van de Europese rozen.

Deze laatste zijn op zich een kruising van Portlanders, Chinas, Damasken, Gallicas en Bourbons. De zoektocht naar de perfecte bloem zorgde ervoor dat er een competitie ontstond tussen de kwekers en tuineigenaars onderling waarvoor ze werkten. Als snel werd vorm gegeven aan het idee om regelmatig shows te organiseren waarbij verschillende soorten het tegen elkaar zouden opnemen in de strijd om de mooiste bloem.

Er werden organisaties opgericht die moesten toezien op het correcte verloop van zulke evenementen en het duurde dan ook niet lang voordat er een jury samengesteld werd en er een reglement opgesteld werd. Het cultiveren stopte niet. Men bleef zoeken naar sterke struiken die een herhaaldelijke bloei kende, maar men was vooral op zoek naar een roos met een intense gele kleur.

De moderne rozen van deze tijd zijn afstammelingen en het resultaat van de pogingen die men vroeger ondernomen heeft om te komen tot de perfecte roos. Vele bewonderenswaardige karakteristieken vinden we terug in de moderne rozen, maar spijtig genoeg ook verscheidene zwakheden.

Kleur
Voordat er nog maar sprake was van moderne rozen kwamen rozen met een gele kleur eigenlijk helemaal niet voor. Sommige oude rozen (Chinese varieteiten) hadden een doffe geelachtige kleur, maar deze is niet te vergelijken met het geel dat we tegenwoordig kennen. Pernet-Ducher werkte samen met nog andere om R. foetida persiana (Perzische varieteit) te kruisen met Hybriden.

Uiteindelijk bereikten ze het verhoopte resultaat en creerden ze de “echte gele roos”. R. foetida is echter zeer gevoelig voor Cercospora maar omdat deze roos toendertijd gekweekt werd in Frankrijk waar deze ziekte niet voorkwam, was men hiervan niet op de hoogte. Rozen evolueren nog steeds. De mens zorgt ervoor dat door het manipuleren van rozen we steeds nieuwe variëteiten krijgen.

We zijn nog steeds op zoek naar de “echte blauwe roos”. We manipuleren de genen van andere blauwe bloemensoorten en introduceren deze in rozen. Het resultaat……wie weet. De zwarte roos daarentegen zal nog wel geruime tijd onbereikbaar blijven. Hoeveel andere bloemensoorten kennen we namelijk die “echt” zwart zijn? Dieprood, diepbruin, donker purper en donker violet. We noemen het graag zwart, maar dat is het niet.