Phyllocoptes fructiphilus
Deze ziekte is nieuw. Snel de symptomen kunnen herkennen is de enige manier om de struik te
redden. Op het eerste zicht lijkt het alsof de plant teveel gesproeid werd met chemische
anti-schimmel producten, maar de gevolgen worden al snel dramatisch. Geïnfecteerde twijgen krijgen
dikke groepjes zachte en breekbare stengels met lange uitgerokken bladeren.
 |
Deze abnormale groei is meestal roodachtig van kleur maar bij sommige hybriden is de kleur
groen. De misvormde bladeren en stengels voelen stekelig aan maar ze zijn toch zacht. Meestal
vertoont in het begin slechts 1 tak de symptomen. Op dat moment kan men proberen om de struik
alsnog te redden door deze tak te verwijderen.
|
In 50% van alle gevallen is dit een succes. Als daarna blijkt dat de ziekte niet weg is dan kan
men alleen nog de plant verwijderen en vernietigen. De incubatie periode duurt van 3 weken tot
1 jaar. Wanneer de plant helemaal besmet is dan is dit fataal en sterft de struik binnen een
periode van 1 jaar. De ziekte werd voor de eerste keer ontdekt in de jaren 30.
Vermoedelijk is een nieuw soort van virus verantwoordelijk voor deze ziekte, maar dit is
nog niet zeker. Het is vrijwel onmogelijk om de ziekte mechanisch (dmv snoeischaar) over
te dragen. Ze wordt verspreid door een kleine mijt (Phyllocoptes fructiphilus). Deze zelfde
mijt is ook verantwoordelijk voor de verspreiding van virussen bij graan.
 |
Deze mijt is microscopisch goed te zien. Hij ziet eruit als een vliegenlarve, doorschijnend
of crème kleurig met vier poten aan 1 zijde. Hij neemt zijn intrek in de verbinding tussen
de bladeren en de stengels. Multiflora en struikrozen zijn de beste gastheren voor deze parasiet
omdat de aansluiting van de bladeren op de stengels zeer stevig is. Hybriden hebben een meer open
aansluiting en deze beweegt teveel in de wind maar ze kunnen ook geïnfecteerd worden.
|
Deze parasieten reizen mee met de wind en ze kunnen op deze manier grote afstanden overbruggen.
Ze worden veel gevonden in filters die opgesteld staan om de hoeveelheid sporen in de lucht te
meten. Bij deze metingen zien we dat in de lente deze parasiet de kop opsteekt en dan neemt
stilaan de hoeveelheid gevonden parasieten toe tot er een piek bereikt word in September. Daarna
verdwijnt hij volledig.
Zoals bij alle infecties is preventie de beste oplossing en dit betekent de parasiet en zijn
eieren uitroeien. Het probleem is echter dat anti-mijten producten geen vat hebben op deze soort.
Het enige chemische product dat tot hiertoe succes heeft is Dimethoate. Wekelijks sproeien is
noodzakelijk. Natuurlijke middelen hebben geen effect. Dit is een ernstige ziekte waar weinig
tegen gedaan kan worden. Gelukkig genoeg komt ze niet veel voor.
|