Voeding
voor rozen
Hoelang
doorgaan met bemesten?
Rozen hebben constant voeding nodig gedurende hun groei seizoen. Zeer warme perioden
zijn zeer stresserend voor planten. Men kan gedurende deze periode beter maar
de helft van de hoeveelheid meststof gebruiken dan die men anders gebruikt. Bij
grote hitte moet men ook elke dag water geven. Het heeft dan weinig zin om vloeibare
meststoffen te gebruiken aangezien deze weggespoeld worden voordat ze kunnen opgenomen
worden door de wortels. Men gebruikt dan beter korrels.
Mensen die aan
wedstrijden meedoen gebruiken vanaf 3 weken voor de wedstrijd geen Stikstof meer
en gebruiken alleen nog Fosfor om de nadruk te leggen om bloem ontwikkeling. Hetzelfde
moet men eigenlijk doen wanneer de winter voor de deur staat. Gebruik geen Stikstof
meer aangezien dit zorgt voor nieuwe twijgen en bladeren. Deze kunnen dan tijdens
een koude winter beschadigd worden en dit is nadelig voor de plant het jaar daarna.
Probeer een beetje te schatten wanneer het hard zou kunnen vriezen en stop met
het geven van Stikstof 30 tot 45 dagen voor strenge vorst.
Klimrozen
Aangezien klimrozen wel 2 tot 3 keer zo groot kunnen worden als struikrozen hebben
ze ook 2 tot 3 keer zoveel meststof nodig.
Miniatuur
rozen
Miniatuur rozen zijn veel resistenter tegen de koude of de hitte, maar ze zijn
zeer gevoelig voor meststoffen. Ze houden niet zo van chemische meststoffen maar
ze zijn dol op vismeel en andere organische middelen.
Organisch
contra Niet organisch
Organische (of natuurlijke) meststoffen zijn afkomstig van planten of dieren.
Meest voorkomend zijn bloedmeel, katoenzaadmeel, beendermeel, alfalfameel en vismeel.
Mest van kippen of konijnen word ook gebruikt. Organische meststoffen komen trager
in de bodem en dus trager bij de plant terecht omdat ze eerst moeten verteerd
worden door de micro-organismen die in de bodem aanwezig zijn. Ze zorgen er niet
alleen voor dat de plant beter groeit maar ze verrijken ook de bodem.
Niet organische
(of chemische) voedingsstoffen zijn samenstellingen van verschillende chemische
producten. Wanneer men ze toepast zullen ze onmiddellijk beginnen te werken, dit
in tegenstelling tot de organische meststoffen. Dit kan belangrijk zijn wanneer
men gulzige rozensoorten onmiddellijk van voeding moet voorzien. Ze zijn niet
schadelijk voor de struik en het verdient aanbeveling om af te wisselen in het
gebruik met de organische meststoffen.
Uigebalanceerde
rozenvoeding
Deze term wordt veel gebruikt en klinkt heel belangrijk maar wil gewoon zeggen
dat deze meststof een mengeling is van Stikstof, Fosfor en Kalium maar niet in
gelijke delen voorkomend in het mengsel. Deze drie stoffen zijn onontbeerlijk
voor elke plant om te blijven leven. De benodigde hoeveelheid van elk product
in het mengsel is afhankelijk van de noden van de plant. Meestal staat er op de
zakken of dozen een code aangegeven ofwel staat het aangegeven in percenten. Een
goede samenstelling voor rozen is de volgende:
- 6% Stikstof
- 12% Fosfor
- 6% Kalium
Deze samenstelling zal ervoor zorgen dat de struik voldoende voedingsstoffen krijgt.
In totaal zitten er in dit mengsel dus 24% voedingsstoffen, de rest is opvulling.
Rozen gebruiken
elk ingrediënt op verschillende tijdstippen in hun groei en bloei cyclus. Stikstof
is nodig om in de vroege lente de groei van stengels en bladeren op gang te krijgen.
Fosfor is van belang bij de vorming van bloesems en bloemen. Ook wortels varen
wel bij het toevoegen van Fosfor. Een verhoogde dosis Fosfor is aan te bevelen
vanaf 3 weken voorafgaande op het bloeien van de bloemen tot wanneer ze effectief
in bloei staan.
Kalium zorgt voor
een algemene goede gezondheid van de struik. Kalium zorgt er ook voor dat Stikstof
en Fosfor makkelijker opgenomen worden door het organisme. Kalium is ook belangrijk
om ervoor te zorgen dat de struik goed de winter doorkomt doordat de plant resistenter
wordt tegen droogte en koude. Een ideaal supplement net voor de winter. Elke van
deze ingrediënten kan ook afzonderlijk gekocht worden om toe te voegen aan de
reeds bestaande voeding waar nodig.
Bronnen
van Stikstof
Wanneer we organisch materiaal aan de bodem toevoegen is dit niet onmiddellijk
beschikbaar voor de plant. Het moet eerst nog afgebroken worden door de micro-organismen
in de grond (rottingsprocess). Daarbij komt er stikstof vrij. Gedurende dit proces
word het materiaal eerst omgezet in ammoniak, daarna in nitrieten, daarna in nitriet
stikstof. Dit proces kan enkele dagen duren maar ook jaren in beslag nemen.
Omdat de Stikstof
die rozen nodig hebben behoord tot de categorie der nitriet stikstof, wordt het
belang van chemische bijmesting duidelijk. Ze voorzien de plant onmiddellijk van
een hoeveelheid Stikstof in de nitrieten vorm, maar ook van een hoeveelheid Stikstof
in de Ammoniak vorm (Urea en Ammoniak Fosfaten). Een chemische meststof die alledrie
deze stoffen bevat (Urea, Ammoniak en Nitrieten) is superieur aan een andere meststof.
Fosfor
en Kalium
Deze worden toegevoegd aan meststoffen als primaire voedingsmiddelen. Fosfor wordt
zeer traag door de grond opgenomen. Bij de eerste toevoegingen zal de Fosfor alleen
deze wortels bereiken die kort onder het grondoppervlak zitten. Blijvend gebruik
van Fosfor zal er uiteindelijk voor zorgen dat ook de onderste wortels het Fosfor
kunnen opnemen. Het is daarom ook belangrijk om bij het planten van de struiken
beendermeel of superfosfaten toe te voegen op de bodem van de plantput. Nieuwe
rozenstruiken varen er wel bij wanneer we extra Fosfor toevoegen aan de wortels.
Secundaire
en Micro-voedingsstoffen
Sommige rozenmeststoffen hebben in hun samenstelling bepaalde secundaire voedingsstoffen
zoals Calcium, Magnesium en Zwavel. Zwavel is uitermate geschikt om een alkalische
grond zuurder te maken. Wanneer de grond te zuur is dan voegt men kalk toe om
de Ph aan te passen. Een hoge concentratie aan Calcium heeft als gevolg dat Magnesium
niet beschikbaar is voor de plant. Daarom kunnen we Magnesium Sulfaat toevoegen.
Micro-voedingsstoffen (Ijzer, Zink, Mangaan, Koper, Kobalt, Boor, Chloor en Molybdeen)
vinden we in sommige rozenmeststoffen ook terug. Meestal zit er maar een zeer
klein percentage in de meststof.
Elementen
(Ijzer, Zink, Mangaan, Enz….)
Deze stoffen vinden we van nature terug in de grond. Meestal worden ze toegevoegd
aan meststoffen om de grond te voorzien van een extra dosis. Indien de Ph van
de grond te hoog is (meer dan 7.0) worden sommige elementen onbruikbaar voor de
plant. Dit is vooral zo voor Ijzer en Mangaan en in mindere mate voor Koper, Zink
en Boor.
Chemische reacties
in de bodem veranderen deze elementen zodanig dat ze op een bepaald punt niet
meer oplosbaar zijn en dus niet meer kunnen opgenomen worden door de planten.
In de eerste plaats moeten we de Ph van de bodem aanpassen tot wanneer deze zich
bevindt tussen 6.0 en 7.0. Daarna voegen we deze elementen toe in bruikbare vorm
voor de struik. Dit wil zeggen dat we oplosbare elementen toevoegen. Dit heeft
wel als gevolg dat de wortels zeer sterk kunnen ontwikkelen en na verloop van
tijd groeien ze buiten het bereik van de plaats waar men meststoffen toevoegt.
Het is dus ook van belang dat we niet alleen kort bij de struik voeding geven,
maar ook op een bepaalde afstand van de hoofdstam voeding toevoegen.
|