< >

 

Phalaenopsis kan het hele jaar door in bloei staan

De bloei van Phalaenopsis begint in het najaar. Er zijn echter ook planten die het hele jaar door bloeien als ze het naar hun zin hebben. De bloei kan bevorderd worden door de planten een paar weken wat droger en iets koeler te kweken. Professionele kwekers gebruiken deze methode om hun planten allemaal tegelijk in bloei te krijgen, maar echt nodig is het niet. Bij gelijkmatige verzorging bloeien Phalaenopsissen ook goed. Kruisingen met Doritis lijken wel gemakkelijker te bloeien na een paar koelere en drogere weken.

Men mag nooit oude bloemstengels afknippen zolang ze nog niet helemaal bruin zijn. Er kunnen aan de top van de bloemstengel nog lang nieuwe bloemen verschijnen en de verdikkingen op de bloemstengel kunnen later nog tot nieuwe bloemstengels uitlopen. Op deze wijze is het mogelijk dat er alweer een nieuwe bloemstengel wordt gevormd terwijl de plant nog op de oude, opnieuw uitgelopen bloemstengels bloeit. Uit de reserve-ogen kunnen zich overigens ook jonge plantjes, de zogenaamde keiki's of adventiefplantjes, ontwikkelen. Deze kunnen verwijderd en apart opgepot worden als ze groot genoeg zijn en voldoende wortels hebben.

Phalaenopsissen, vooral de hybriden, kunnen heel goed op de vensterbank in een verwarmde kamer worden gekweekt. Indien mogelijk moet hierbij worden ingespeeld op de lichtbehoefte van de plant. Van eind maart tot eind oktober is een plek op het westen of noorden ideaal. Op het zuiden en oosten is er dan teveel licht. In de winter moeten de planten juist zoveel mogelijk licht krijgen en kunnen ze goed op het zuiden of oosten staan.

Phalaenopsis heeft voldoende ventilatie nodig

Om er voor te zorgen dat de luchtvochtigheid rondom de planten hoog genoeg is, kunnen ze op een eilandje worden gezet. Wie ze in een overpot wil zetten, kan het beste een overpot kiezen die ruim groter is dan de pot van de plant. Op de bodem van de overpot komt dan een laagje grind en daarbovenop, omgekeerd, een schoteltje of plantenschaaltje.

De plant staat op dit schoteltje en als nu het grind wordt natgehouden, stijgt er constant vochtige lucht op rondom de plant zonder dat deze natte voeten krijgt. Er zijn in de tuincentra ook platte kunststof schalen te koop waarop op dezelfde wijze meerdere planten naast elkaar kunnen worden gezet.

Bij een goede verzorging zijn er bij Phalaenopsis niet echt veel problemen te verwachten. Ongedierte als schild- of dopluis en mijten kunnen via nieuwe planten worden meegebracht en moeten wel afdoende bestreden worden. De luizen kunnen het beste worden bestreden met in de handel verkrijgbare producten.

Mijten kunnen een probleem vormen, zeker als ze met het blote oog niet te zien zijn zoals de ligustermijt of de orchideeënmijt. Voordat u het probleem heeft opgemerkt heeft kan er al aanzienlijke schade zijn aangericht. Zeker ook omdat er zich in de door de mijten aangetaste plekjes vaak secundair een schimmel ontwikkeld.

Spintmijten kunnen worden bestreden met Kelthane of Talstar. Lees bij vooral het laatste middel goed de gebruiksvoorschriften vanwege de zeer grote giftigheid voor vissen en bijen. Bij gebruik van een spuitbus mag beslist niet van te dichtbij op de plant gespoten worden. Er treedt dan al snel aanzienlijke schade op door de kou van de spuitnevel.

Een kritiek moment doet zich voor als er knoppen aan de bloemstengel verschijnen. Door te weinig licht en een te lage luchtvochtigheid of teveel ethyleen in de lucht vallen die knoppen er vaak snel af. Ethyleen is een gas dat ontstaat bij het rijpen van fruit. Een fruitschaal met een rotte appel of rijpende banaan in de buurt van een Phalaenopsis kan de oorzaak zijn van knopval. Wie zijn planten in de keuken kweekt kan ook onaangenaam worden verrast bij onvoldoende ventilatie.

Het verspreidingsgebied van het geslacht Phalaenopsis reikt van Bhutan en oost Bangladesh, Birma (tegenwoordig Myanmar), zuid China, Taiwan, Maleisië, Indonesië en de Filippijnen tot in Nieuw Guinea en Queensland in noord Australië. Nogal wat soorten hebben een heel groot verspreidingsgebied dat zich over meer dan 1000 km uitstrekt. Het ontwikkelingscentrum van het geslacht ligt op de Filippijnen en de Indonesische eilanden.

Planten van het geslacht Phalaenopsis groeien gewoonlijk epifytisch op licht bebladerde bomen en overwegend in de buurt van water. Slechts zelden zijn ze ook lithofytisch op meestal bemoste rotsen te vinden. De meeste soorten groeien in gebieden met een dagtemperatuur van 28 tot 35 graden celcius en een nachttemperatuur van 20 tot 24 graden celcius. De regenval is ongeveer 2000 mm/jaar, zodat in deze gebieden meestal een luchtvochtigheid van bijna 100% heerst.