< >

 

Oncidium : veel verschillende soorten

Oncidiums zijn een vrij eenvoudig te kweken soort zolang u geen zeldzaamheden wilt kweken. Er zijn ongeveer 750 verschillende soorten Oncidium die doorgaans een lichte tot zeer lichte standplaats nodig hebben. Er zijn een paar uitzonderingen, vooral bij de koel groeiende soorten zoals bijvoorbeeld Oncidium Ornithorhynchum.


Oncidium
Een klein deel van de Oncidiums groeit warm bij een nachttemperatuur van minimaal 18 graden celcius zoals bijvoorbeeld Oncidium Papilio. Het overgrote deel groeit bij een gematigde nachttemperatuur van ongeveer 14 graden celcius zoals bijvoorbeeld Oncidium Sphacelatum. En een klein deel groeit koel tot koud bij een nachttemperatuur van 10 graden celcius. De Oncidiums van het Savannetype mag men niet rechtstreeks water geven maar moet men nevelen. De plant moet na ongeveer 1 uur droog zijn. De boslandtypes moet men regelmatig water geven en de plant moet opdrogen en heeft ook een rustperiode nodig. Regenwoudtypes geeft men zeer regelmatig water en in de groeiperiode zelfs veel water.

De bekendste aan Oncidium verwante geslachten zijn Ada, Brassia, Cochlioda, Miltonia, Miltoniopsis, en Odontoglossum.

Odontoglossum heeft liefst een schaduwrijke standplaats

De Midden-Amerikaanse soorten Odontoglossum zijn redelijk eenvoudig te kweken. De Zuid-Amerikaanse soorten daarentegen zijn moeilijker en zeker geen beginnersplanten. De hybriden zijn in het algemeen probleemloos. Afgezien van de hybriden zijn er ongeveer 250 soorten waarvan de meeste het liefst op een schaduwrijke plaats staan.

De soorten uit Midden-Amerika worden koel gekweekt bij een nachttemperatuur van ongeveer 10 graden celcius en ze zijn tolerant wat betreft temperatuurschommelingen. Soorten uit Zuid-Amerika moeten koud gekweekt worden bij een nachttemperatuur van 8 graden celcius en ze zijn niet bestand tegen grote temperatuurschommelingen. Een paar uitzonderingen moeten gematigd gekweekt worden zoals O.krameri en O.dormanianum.


Odontoglossum
Odontoglossums moeten vrij vochtig gekweekt worden met in de groeiperiode extra water. Veel soorten moet men na het rijpen wat droger houden, maar mag men nooit laten uitdrogen. Voor de bodem moet men een zeer goed waterdoorlatend mengsel gebruiken. Het opbinden van de planten gaat heel goed maar is voor de forse soorten uiteraard moeilijker.